Dag tegen pesten op 19 april

Dag tegen pesten op 19 april

Elk jaar wordt er op initiatief van de Stichting School en Veiligheid een dag en een week tegen pesten georganiseerd. We weten allemaal hoe naar pesten kan zijn en hoe verstrekkend de gevolgen kunnen zijn. Natuurlijk beperken we ons niet tot die momenten om ermee aan de slag te gaan. We willen immers onze leerlingen en personeel een veilige school bieden waar ieder met plezier naar toe kan gaan. Denk maar aan de mentorlessen, dramalessen, voorstellingen, projecten, Rots en Water en de sociale vaardigheidstrainingen en diverse gesprekken die gevoerd worden. We doen ons best om zo snel mogelijk in te grijpen bij pestgedrag. Op onze schoolsite kun je “Het Pestprotocol” vinden.

Toch is het goed er met z’n allen nog eens bewust bij stil te staan en er extra aandacht aan te besteden, ook in de klas. Sluit nooit iemand buiten, maar probeer het op een andere manier op te lossen.

We sluiten af met wat tips voor het waarborgen van sociale veiligheid.

1. Op een lijn.
Zorg dat je op de hoogte bent van het pestprotocol (zie site). “Als je met elkaar niet op een lijn zit, denkt het kind: als iedereen iets anders vindt, maak ik zelf de dienst wel uit.”

2. Vrijblijvendheid ondermijnt de sociale veiligheid. Niemand kan dat alleen. Als iedereen zijn eigen plan volgt, gaan kinderen dat ook doen.

3. Verzwijgen. Met de gegevens vanuit georganiseerde informatie kan je structureel pesten vaststellen, de kinderen die voortdurend pesten classificeren en hen helpen met stoppen met behulp van ondersteunende maatregelen op maat. In een cultuur, waar wordt gezwegen en informatie wordt achtergehouden, is dit niet mogelijk.

4. Onschendbaarheid. Een hoofdpester heeft een bijna onschendbare, hoge positie verworven in de rangorde “Wie maakt mij wat...”. Dit is heel handig als je hoofdpester bent, je het nodige op je kerfstok hebt en dagelijks “punten” moet scoren om je positie waar te maken.
De onschendbaarheid opheffen maakt het vanzelfsprekend om, met name, hoofdpesters in alle openheid ter verantwoording te roepen. Docenten kunnen hen helpen te stoppen.

5. Anonimisering. Anonimiteit is voor pesters belangrijk om onzichtbaar te blijven. Kinderen die namen noemen van structurele pesters, zijn een bedreiging voor het systeem. De “verklikkers” worden tot de orde geroepen door de hoofdpesters en hun hulpjes. Harde maatregelen worden niet geschuwd om de ander het zwijgen op te leggen en een voorbeeld te laten zijn. Opheffing van de anonimiteit zal dus in alle vertrouwen en veiligheid moeten plaatsvinden.

6. Verboden terrein. Structureel pesten moet voor leerlingen “verboden terrein” worden,  waardoor volwassenen goed zicht houden op het gedrag en passende maatregelen mogelijk zijn.

7. Collectieve oplettendheid. Vaak concentreert men zich te eenzijdig op afzonderlijke incidenten. Incidenten kunnen echter gezien worden als een aanleiding en een kans om collectieve oplettendheid en begrenzende zorg beter te organiseren.

8. Demoniseren. Maak het demoniseren van pesten en pesters ongedaan. Pesten is een vorm van zelfverdediging in een situatie met gebrekkige sociale veiligheid. De sterkste, handigste, snelste, vaardigste kinderen zitten al snel boven in de rangorde, waar pesten een vanzelfsprekend onderdeel van uitmaakt.
Pesters zijn “gewone kinderen”, die handig zijn in het regelen van hun eigen belangen en veiligheid, desnoods ten koste van anderen.

9. Waarheidspreken. Het oplossen van structureel pesten vraagt om waarheidsvinding met als doel erkenning, ontschuldiging en verzoening. Waar waarheidsvinding wordt overgeslagen, heeft het zoeken naar oplossingen geen zin.
Kinderen kennen de waarheid al. Zij worden daar iedere dag mee geconfronteerd. Ontkenning van de feiten door de volwassenen is voor hen het grootste probleem. Het is voor hen een opluchting als er openlijk, zonder de schuldvraag en straf, over gesproken kan worden.

10. Betrouwbaarheid. Sociale (on)veiligheid behoort voortdurend gevolgd te worden, zodat er direct gedaan kan worden wat nodig is om de sociale veiligheid te herstellen.        
Kinderen verliezen hun vertrouwen, zodra zij bemerken dat de school er geen regie meer over heeft. Zij zien zich dan genoodzaakt om hun sociale veiligheid opnieuw zelf te regelen, met alle gevolgen die daarbij horen.


Denkfout: De denkfout is steeds dat we er vanuit gaan, dat als kinderen nieuwe vaardigheden aanleren (socialiseren) zij daardoor niet meer zullen pesten. Kinderen blijven echter pesten, zolang volwassenen niet meer de omstandigheden kunnen creëren waarbinnen kinderen sociaal veilig zijn.
De bal ligt niet bij de kinderen, maar bij de volwassenen!

Ook ouders/verzorger kunnen hieraan uw steentje bijdragen. Het is zinvol het onderwerp pesten en gepest worden thuis bespreekbaar te maken.

De laatste jaren worden we steeds meer geconfronteerd met cyberpesten. Dit heeft voor de betreffende jongeren grote gevolgen. Er zijn verschillende sites waarop u informatie op dit gebied kunt vinden. Een aantal sites zijn:

https://www.opvoeden.nl/puber/opvoeding-en-gedrag/lastig-gedrag/pesten/aanpak-cyberpesten/

https://nl.wikipedia.org/wiki/Cyberpesten

 

 

 


Terug naar home